Setechign, onze steun en toeverlaat

 

Om voor de dove Gobegnu te kunnen zorgen, zochten we contact met haar moeder Setechign, natuurlijk omdat we met haar over de toekomst van haar dochter wilden praten, maar ook omdat Gobegnu bezorgd over haar was. Ze werkte als schoonmaakster in een klein ziekenhuisje op een paar honderd kilometer van Lalibela. Een baan waar ze nauwelijks wat mee verdiende en net genoeg geld had om te overleven in een hutje dat bestond uit een paar planken en een lap plastic. Ze verdiende niet eens genoeg geld om haar kinderen te bezoeken. Bovendien kon ze nauwelijks lopen, maar had ze geen geld voor een behandeling. Wie in Ethiopië medische hulp wil krijgen, moet vooraf betalen en zonder geld is er geen behandeling mogelijk.We hebben de behandeling betaald. Met aangepaste schoenen kan ze nu goed vooruit.
Tegenwoordig ziet ze er tien jaar jonger uit dan in de tijd dat we haar voor het eerst troffen.

We waren direct aangenaam verrast door haar talenten. Ze sprak redelijk goed Engels in een streek waar bijna niemand die taal machtig was. Ze bleek in de jaren tachtig een paar jaar als verpleegster met diploma's gewerkt te hebben voor een Duitse hulporganisatie. In die stierven veel mensen van honger door misoogsten als gevolg van gebrek aan regen, maar de Duitse organisatie verliet plotseling het land, en Stechigne bleef werkeloos achter.

Wij besloten onmiddellijk gebruik te maken van haar kennis en werkkracht en hebben haar naar Lalibela gehaald, waar ze is ingezet als hulp voor onze weeskinderen. Nu werkt ze als onze maatschappelijk werkster, zorgt voor de zelfstandig wonende ouderen en kinderen die we in ons programma hebben, controleert hun gezondheid en hun huisjes en betaalt hen elke maand hun geld. Bovendien zit ze in het bestuur van het bedelaarsproject van de kerk en de gemeente dat door ons ondersteund wordt.

Setechign is een zeer goede kracht gebleken, een voorbeeld voor de mensen in Lalibela.